Bolkestein
Kustaw Bessems
Wat heeft Frits Bolkestein toch een goede kop met haar.
Oppervlakkig ik weet het.
Bolkestein wordt zelfs door linkse tegenstanders geroemd om zijn brille, welbespraaktheid en eruditie. Dus daar moet het over gaan.
Maar toch was het weer het eerste wat me opviel gisteren, die kop met haar.
Frits Bolkestein is 73.
Ik mag lijden dat ik – als ik die leeftijd haal – nog zo goed in het haar zit.
Oké, ik houd er over op.
Ik hoorde Bolkestein spreken op het afscheidssymposium dat de Tweede Kamerfractie van de VVD gisteren hield voor de vertrekkende Ayaan Hirsi Ali.
Het werd gehouden in de oude vergaderzaal van de Tweede Kamer. Een zaal waar vooral Arendo Joustra, hoofdredacteur van Elsevier en gisteren lid van een discussieforum, met weemoed over zat. Waar eerst confessioneel en niet-confessioneel in krappe bankjes tegenover elkaar zaten en later links en rechts. Met het kabinet aan de zijkant. Goed voor het politieke debat, vond Joustra, een beetje als in het Engelse Lagerhuis (bekend om het luide hear hear als teken van instemming en een grommend ‘rabarberrabarberrabarber’ bij afkeuring – met een voorzitter die steeds ‘ Order! Order!’ roept, maar die gek zou opkijken als het kabaal een keer achterbleef - klik op watch).
Ik omschreef het programmaonderdeel waar Arendo Joustra aan deelnam zoëven als discussieforum. Daar moet ik eigenlijk op terugkomen. Dat was geloof ik wel de bedoeling, maar dat werd het niet.
De dag moest gaan over de vraag waar een volksvertegenwoordiger in de eenentwintigste eeuw aan moet voldoen – een onderwerp waarvan werd gezegd dat het Ayaan Hirsi Ali had beziggehouden. Bolkestein, die zich de afgelopen jaren consequent achter Hirsi Ali opstelde, was aangezocht als inleider en leider van een discussiepanel.
Maar wat Frits Bolkestein ook aanroerde, de taak van een moderne volksvertegenwoordiger was er zelden bij. Hij besprak wel de toekomst van Europa, de rol van private, niet-beursgenoteerde fondsen in de economie, het energiebeleid en de positie van de islamitische minderheid in ons land. Zijn afsluiting: ‘Dit waren dan mijn algemene beschouwingen voor de eenentwintigste eeuw’.
De leden van het panel mochten vervolgens niet met elkaar discussiëren, maar werden door Bolkestein overhoord. ‘Meneer Joustra, ik heb uw biografie gelezen. U bent van de Volkskrant naar Elsevier gegaan, dus van een linkse naar een rechtse krant. Legt u dat eens uit.’ Tegen de feministe Jolande Withuis: ‘Mevrouw Withuis, u hebt veel geschreven over slachtofferschap. Past u uw kennis eens toe op het Midden-Oosten, waar een slachtoffercultuur heerst.’
Het was alsof Bolkestein aan een paar artikelen aan het werken was en even zijn gedachten aan het scherpen was. En dat wij daarbij zaten. Het was eigenlijk wel onderhoudend. En geestig.
En zijn haar zat uitmuntend.
P.S.
Keihard was Bolkestein over islamitische scholen:
'Ernstiger, want structureler, is de zaak van de islamitische scholen. Fenny Brinkman heeft daarover het boek Haram geschreven.
Haram is wat de sharia verbiedt. De ondertitel van het boek luidt Uit het dagelijks leven op een islamitische school. Dat leven valt niet mee. Geen kinderliedjes of Sinterklaas, ook geen geknutselde bloem. De meisjes moeten gescheiden leren zwemmen in grote tentjurken. Jongens uit de bovenbouw mogen niet door een vrouwelijke tandarts worden behandeld. ‘De ogen van afgebeelde dieren zijn weggestoken, omdat het zien van ogen haram is.’ De geur die hiervan opstijgt, is die van een bedompte achterlijkheid, van een versteende orthodoxie. (...)
Zeker, er is een protestants-christelijke school in Amersfoort waar een leerling is geweigerd, omdat hij thuis naar de televisie mag kijken en zijn zus soms een broek draagt. Maar daar is iedereen dan ook overheen gevallen, terwijl niemand zich bemoeit met zo’n islamitische school. Ja, de inspectie, maar hoe vaak wordt zo’n school bezocht en hoelang blijft de inspecteur? Weet hij wat er achter zijn rug wordt gezegd over joden, de holocaust, homo’s en de evolutie? Ik betwijfel het. Aldus de zegeningen van de multiculturele samenleving: ieder zijn eigen etnische hok, dus ieder zijn eigen orthodoxie. Vroeger was dat bij ons de verzuiling.
Het bestaan van islamitische scholen berust op artikel 23 van de Grondwet, dat godsdienstige stromingen hun eigen scholen toestaat. Dat artikel is door katholieken en protestanten afgedwongen in ruil voor het vrouwenkiesrecht. Voor het CDA is het een sjibbolet. Maar wat is nu de reële betekenis ervan?
Vroeger moesten studenten aan de VU een geloofsbelijdenis ondertekenen. Nu is iedereen welkom. Nu komt er zelfs een opleiding tot imam. Erg oecumenisch, maar ook getuigend van de bloedeloosheid van het christendom in onze streken. Neen, gescheiden scholen zijn een voorbode van een gescheiden samenleving. Artikel 23 van de Grondwet belemmert de integratie. Het moet worden aangepast.' |