Lees nu een fragment uit Noordpool.fm
Michiel Veenstra
1. Emergency On Planet Earth (Jamiroquai)
Mijn naam is Michiel Veenstra, ik ben dj voor de nps op 3fm. In april 2007 heb ik met mijn programma MetMichiel radiogeschiedenis geschreven door de eerste live radio-uitzending ooit te maken vanaf de Noordpool. De uitzending was het hoogtepunt van een maanden durend voorbereidingstraject en een week uitzenden vanaf Spitsbergen, om klimaatverandering op de kaart te zetten bij de luisteraars van 3fm. Niet dat ik zo’n groene jongen ben. Integendeel, zou ik haast willen zeggen, terugkijkend op mijn eerste dertig jaar op deze aarde.
Maar er is iets veranderd het afgelopen jaar. Langzaam maar zeker is er een knop omgegaan. Dit is het verhaal van die ommekeer. Een verhaal dat eindigt op de koudste plek waar ik ooit ben geweest, maar dat begint in een ongebruikelijk warm voorjaar in Nederland.
Mei 2006
Al maandenlang liep ik er mee rond: een formulier van m’n huisarts om een allergietest te laten doen. Zelf in een overmoedige bui om gevraagd omdat ik maar niet van het ongecontroleerde snotteren en niezen afkwam. Gek werd ik er van, moe en chagrijnig ook. Om het nog maar niet te hebben over de nadelige effecten van een spontane snotconcentratie voor in m’n neus tijdens het afkondigen van een plaat. In één presentatie kon ik zelfs een onverwachte niesuitbarsting niet meer onderdrukken. Knap lastig dus, die constante verkoudheid. Maar mooi dat ik die allergietest niet ging doen. Als de dood was ik.
Ik ben namelijk een mietje. Het idee dat er een naald in mijn aderen verdwijnt is al genoeg om kotsmisselijk van te worden. Nu ik dit intoets, lig ik alweer bijna op de grond. Ik ben ook een Vinger-aan-de-pols-wegzapper. Haat bloed.
En al die tijd dat ik dat formulier op zak had, vroegen vrienden en collega’s me ook of ik al een uitslag had. Vaak niet lang nadat ik vol in hun gezicht had moeten niezen of als er al een poos een snottebel die ik nog niet had opgemerkt aan m’n neusvleugel bengelde.
‘Nee, nog geen uitslag,’ was dan het antwoord achter de tevoorschijn gehaalde zakdoek. ‘Ik moet nog een keer een afspraak maken.’ Zakdoek weer in broekzak. Steevaste reactie: ‘Prutser.’ Iets in die trant.
En toen opeens was ik het zat. Alles. Het gevraag, het niet-durven, het snotteren, het moe zijn, het prutsen. Ik heb een afspraak gemaakt en kon – oh jippie – al de volgende dag langskomen voor een glimmende spuit in m’n ader.
Het viel natuurlijk allemaal heel erg mee, fysiek gezien. Je voelt er niets van. Wist ik van tevoren ook heus wel, maar ja. Dat neemt niet weg dat ik zenuwachtig als de pest in die wachtkamer zat en licht onpasselijk er weer uit kwam. Ik had niet eens een zonnetje op m’n arm getekend gekregen.
‘Overgevoelige luchtwegen?’ In een lichte paniek kijk ik m’n huisarts aan, die me zojuist de uitslag heeft gegeven. ‘Dus als ik het goed begrijp ben ik niet voor één specifiek iets, maar eigenlijk voor alles allergisch?’ Ik zie mezelf al panisch voor alles wat los en vast zit wegduiken om een niesbui te vermijden, maar realiseer me meteen de onpraktische kant van wegduiken als je voor alles allergisch bent. Een duik landt altijd op íéts waar ik dan misschien ook wel allergisch voor ben en dan blijf je dus wegduiken. Op den duur een vermoeiende manier om de dag door te komen, altijd maar duiken. Dodelijk voor je sociale leven ook. Probeer maar eens een gesprek met iemand te voeren als je continu van de ene naar de andere plekt duikt.
‘Nou, dat is wat overdreven,’ stelt ze me gerust, ‘maar je kunt wel op meerdere dingen een sterke reactie hebben. Het zou me niets verbazen als je nu inderdaad veel last hebt van de pollen in de lucht. Ik hoor het van meer mensen.’ Daar zegt ze zoiets. Een buurman van me had er ook voor het eerst van z’n leven last van, zei hij me laatst. En dat had ik hier en daar al wat meer gehoord. En ik heb dan zélf misschien geen hooikoorts, maar mijn overgevoelige luchtwegen hebben net als bij ‘echte’ hooikoortspatiënten last van pollen. Waar komt dat dan ineens vandaan bij iedereen? ‘Helemaal zeker weten doe ik het niet,’ gokt de huisarts terwijl ze in een opvallend goed leesbaar handschrift een receptje uitschrijft, ‘maar het zou mij niets verbazen als het aan het zachtere klimaat ligt. De pollen worden agressiever en talrijker doordat het steeds ietsje warmer is en het ook langer warm is. Ik denk dat dit soort klachten de komende tijd wel eens flink toe kunnen nemen.’ Met een recept voor een antibioticakuurtje, een neusspray en de mooie woorden ‘dat het vast afneemt zodra het in de herfst weer wat frisser wordt’ fiets ik via de apotheek naar huis.
Juli 2006
‘Tijd voor een nieuwe viering van het carnivorisme!’ De schaal met versgebraden kipsaté wordt midden op tafel neergezet, naast de warme pindasaus die net van het fornuis is gehaald. ‘Iemand nog een roseetje erbij?’ Ik gooi m’n schort over de deckchair en schenk zonder een antwoord af te wachten iedereen bij. Niet alleen de kooltjes gloeien nog na van alle partijen vlees die ze net hebben moeten opwarmen: ook de hoofden van de aanwezige eters in onze achtertuin zijn nog wat aan het nasudderen van een dag aan het Noordwijkse strand.
Het is een lange, heerlijke zomer dit jaar en het bbq-seizoen is omvangrijker dan ooit. Omdat ik vier avonden per week tot ’s avonds tien uur werk, heb ik al een paar keer niet aan kunnen schuiven, maar ook in het weekend is het bijna wekelijks feest. Dan weer bij ons, dan bij vrienden in de achtertuin of op het balkon. En anders ontmoeten we elkaar wel aan het strand of op een terras. Ik heb de afgelopen tijd twee keer een dagje strand moeten skippen omdat ik me te slap en verkouden en all-round bleeeghhh voelde door de nog steeds welig tierende pollen, maar verder is het met een zakdoek binnen handbereik goed toeven.
Bij het afruimen van de borden en het openen van de volgende fles rosé mijmeren we gezamenlijk over het hoge genietgehalte van het lekkere weer. ‘Wat heerlijk hè jongens,’ verzucht Roosmarijn. ‘Wat zijn de verwachtingen voor de rest van de week?’ Marc – we noemen hem Veug – haalt z’n pda tevoorschijn en weet te melden dat het onveranderd zomers blijft met veel zon en temperaturen op of rond de twintig à vijfentwintig graden. ‘Warmste juli sinds driehonderd jaar.’ Veug draait het scherm van de pda naar ons toe om de headline op de knmi-site te laten lezen. We proosten nogmaals op het heerlijke weer en trekken de agenda voor de bbq-locaties van volgend weekend.
Augustus 2006
Met een guitige lach, driedagenbaardje en no-nonsensehouding voldoet Marc Cornelissen wel zo’n beetje aan het beeld dat ik heb van een avonturier uit een jongensboek. De sigaartjes die hij rookt, maken dat plaatje compleet. Deze man heeft wat gezien van de wereld, zit vol spannende verhalen en als je hem de tijd en de ruimte geeft om erover te vertellen, sleept hij je ongetwijfeld mee in zijn enthousiasme. Zo iemand die je zo overtuigt van hoe tof reizen is, dat je meteen je huis verkoopt, je relatie beëindigt en je baan opzegt. Gevaarlijk meeslepend.
Gelukkig moet ik zijn verhaal buiten de uitzending even onderbreken om de plaat af te kondigen. Ik doe mijn koptelefoon op en steek van wal, terwijl de laatste deunen van ‘Unwritten’ van Natasha Bedingfield te horen zijn.
‘Begin 2007 komt er een nieuw album van Natasha Bedingfield, met als eerste single “I want to have your babies”. Het is tien voor halfnegen,’ vervolg ik terwijl ik achtereenvolgens een koekoeksklok laat horen en het geluid van een harde, ijzige wind. ‘Ik neem je eventjes mee naar een heel ander oord…’ Vervolgens draag ik een door Marc geschreven stuk tekst voor, waarin hij een loodzware wandeltocht over dun, constant bewegend ijs naar de geografische Noordpool beschrijft. Het beeld is door de combinatie van z’n indrukwekkende woorden en het ijzige geluid compleet.
Marc is te gast in mijn 3fm-programma MetMichiel als onderdeel van de Lowlands-voorpret. De weken voorafgaand aan het leukste festival van het jaar is er elke week iemand te gast die op het festival aanwezig is voor de programmaonderdelen die niet onder de noemer muziek vallen: schrijvers, cabaretiers en dus ook Marc. Marc geeft namelijk op Lowlands een lezing als onderdeel van Lowlands University: leerzaam doen op een festival. Klinkt misschien raar, maar het werkt wel. De tent van University zit eigenlijk altijd vol. Voor sommige festivalgangers is het de ideale plek om een tukkie te doen, maar de meeste komen toch echt voor de lezingen. Schuilen is trouwens ook een optie dit jaar: na de zomer van juni en juli is het tot nu toe huilen met de pet op in augustus: veel regen, en het is over het algemeen ook niet echt warm.
Marc neemt een slok van z’n koffie en vertelt in de uitzending hoe hij ooit studeerde voor architect, maar poolexpediteur werd. Sinds hij in 1997 voor het eerst naar de Noordpool is gegaan, is hij verliefd op en verslaafd aan de sneeuw, het ijs, het desolate, de kou, het afzien. Damn. Deze man heeft zoveel van de wereld gezien en heeft in zulke ontzettend barre omstandigheden overleefd dat ik me ineens afvraag of hij het hier niet heel saai vindt. Dat blijkt gelukkig niet het geval: hij vermaakt zich zichtbaar en vindt het ook leuk om op de radio over zijn passies te vertellen. En hij heeft volgens mij ook heel goed door dat ik aan zijn lippen hang. En niet alleen vanwege zijn spannende reisverhalen, maar ook vanwege de boodschap die er in schuilgaat.
‘Ik zei het net al, aanstaande zaterdag sta je om twaalf uur in de Juliet-tent voor Lowlands University.’
‘Dat klopt.’
‘Wat ga je daar precies doen?’
‘Nou, in grote lijnen weet ik dat al – ik maak die organisatie nu heel nerveus denk ik, want ik ben nog steeds bezig met het maken van mijn presentatie…’
‘In Biddinghuizen is er nu grote paniek, wordt druk gerommeld met papieren en geschreeuwd dat je het nog niet weet, haha.’
Marc lacht om de rotzooi die ik binnen het tijdsbestek van één zin kan maken van mijn draaiboekpaperassen en vervolgt: ‘Nee, in grote lijnen wil ik graag iets vertellen over natuurlijk het avontuur, hoe het is om daar in het Noordpoolgebied te zijn, maar vooral ook over wat je daar kunt zien van de verandering van het klimaat. Jaren geleden was het echt zo dat klimaatverandering heel abstract was voor mensen, maar in het Noordpoolgebied kun je het al wel goed zien. Recentelijk doe ik daar zelf ter plaatse ook onderzoek naar en daar wil ik aandacht voor vragen, te meer omdat we inmiddels klimaatverandering allemaal om ons heen zien gebeuren.’
‘Dat is nou echt al jaren het geval hè, dat je op tv en radio wel hoort over klimaatverandering en de ozonlaag en noem maar op, maar ik zap dan al snel naar een andere zender. Maar wat we nu hebben gehad hè, deze zomer… Was het, vier, vijf, zes weken stralend weer en godsgruwelijk warm ook, nu weer zo’n ontzettende regenperiode – da’s ook iets van de laatste jaren dat ze elke nazomer in Limburg de kelders weer leeg gaan pompen. Is dat nou echt werkelijk een klimaatverhaal, of is dat toeval?’
Marc twijfelt heel even. Je ziet dat hij zijn woorden voorzichtig kiest, nog eens extra overweegt en dan uitspreekt.
‘Je mag nooit zeggen dat een gebeurtenis één op één gerelateerd is aan klimaatverandering, maar het feit dat die extreme weersomstandigheden frequenter voorkomen, past heel goed in het scenario. Ook het knmi heeft het aangegeven: de aarde wordt warmer, dat betekent voor Nederland meer extreme hitte maar ook extreme neerslag. Je ziet dat het weer wat minder gemiddeld is, maar wat meer extremen gaat kennen.’
‘Dat is wel iets typisch Nederlands hè, rennen of stilstaan. Het is óf bloedheet óf ronduit kloteweer. Is dat dan ook iets wat met klimaatverandering te maken heeft?’
‘In het algemeen als je het weerpatroon op de wereld gaat verstoren, kun je aannemen dat het weer grilliger wordt. Dat betekent dat sommige gebieden – zoals het Noordpoolgebied – extreem warmer worden, dat andere gebieden meer verdrogen, en dat het op weer andere plekken meer gaat regenen. Elke regio heeft zo zijn eigen effect. Het betekent dus ook dat een landbouwer in zeg Afrika, die al generaties lang op dezelfde manier zijn eten en bron van inkomsten verbouwt veel meer moeite moet doen om te oogsten, simpelweg omdat het weerpatroon verandert. Visueler is het in het Noordpoolgebied, waar de lokale bevolking al eeuwenlang met hondensledes van het ene dorp naar het andere rondtrekt.’
‘Zonder sneeuw schuurt dat zo, hè.’
‘Een zee die maar niet wil bevriezen helpt ook niet echt. En daar wil ik het over gaan hebben. De problemen, maar zeker ook de oplossingen.’
Marc vertelt verder over CO2-uitstoot, de opwarming van de aarde, het verminderen van energie en over verantwoordelijkheden nemen. ‘Je kunt wel heel erg naar meneer Bush gaan zitten wijzen met z’n milieuonvriendelijke beleid, maar kijk ook eens naar jezelf.’
De opwarming van de aarde komt dus doordat de mensheid veel energie verbruikt. Uitlaatgassen van auto’s, vervuiling door vliegtuigen, apparaten die vaak en ongebruikt aanstaan… de lijst is eindeloos. Ik besluit maar niets te zeggen over de twee pc’s die nu thuis nutteloos aanstaan (maar hé, wel klaar staan als er een update beschikbaar is die automatisch gedownload kan worden!) en begin te vragen over het Climate Change College waar Marc bij betrokken is. Een initiatief dat jonge mensen de kans geeft om met eigen ogen op de Noordpool te zien hoe het met het klimaat gesteld is, en ze een podium geeft om er thuis aandacht voor te vragen. Klimaatambassadeurs, zogezegd. Aanmelden kan op een website, voorjaar 2007 vertrekt Marc met de kersverse studenten naar de poolcirkel.
Ontzettend vet – en dat vind ik niet alleen. In de sms-box vragen mensen om de url van de site, wanneer de reis plaatsvindt, en of je er voor geleerd moet hebben om mee te mogen. Dat hoeft dus niet – het leren vindt plaats in een uitgebreid voortraject voorafgaand aan de reis.
‘Het belangrijkste is eigenlijk dat je geïnteresseerd bent in het onderwerp en er ook goed over kunt vertellen,’ verheldert Marc. ‘Je moet er niet al te blond in zijn, ook kritische vragen kunnen beantwoorden. Je moet in staat zijn het idee dat jij hebt over energiebeheersing realiteit te maken door mensen te bereiken. Het gaat om simpele dingen die je waarneemt en veranderd moeten worden. En uiteindelijk is dat ook een signaal dat je met z’n allen weer afgeeft richting bedrijfsleven en ook richting politiek.’
Iets na negenen zit Marcs aandeel in het programma er op. Ik wil afscheid nemen, maar er is ook iets in me dat nog dingen wil weten, verder wil vragen. Er komt niets zinnigers uit dan: ‘Zie je dit weekend op Lowlands’ en een slap excuus over verder moeten met een plaat afkondigen. Very much unfinished business, de deur achter Marc valt dicht.
Lowlands verloopt boven verwachting zonnig: het blijft grotendeels droog en de zon straalt als een malle. Met uitzondering van de laatste dag: rond het middaguur plenst het als nooit tevoren en daar houdt het eigenlijk de rest van de maand ook niet meer mee op.
‘Natste augustus ooit,’ kopt het knmi op de laatste dag van de maand. Ik zie de headline – dit keer niet op Veugs pda in een zonnige achtertuin met een restje gebraden kipsaté tussen m’n tanden, maar op het scherm van de pc in een warme werkkamer. Buiten is het donker en slaat de regen hard tegen de balkondeur. Ik neem een slok van m’n warme thee en denk onwillekeurig terug aan de woorden van Marc, over weerextremen. Zou het dan toch…?
September 2006
‘Heb je de plaatselijke slagerij leeggekocht, of ben je er zelf een begonnen?’ Vol ongeloof kijk ik naar de immense hoeveelheden vlees die liggen uitgestald. Het is duidelijk dat het een lange en gezellige avond gaat worden bij collega Gerard Ekdom, met wie ik sinds drie weken naast mijn reguliere MetMichiel-uitzending van maandag tot en met donderdag nu op vrijdagavond het feestprogramma Ekstra Weekend presenteer. Zijn vrouw Nicole was vorige week jarig en dat wordt gevierd met een fikse barbecue in de achtertuin. Want het kan weer: na die kletsnatte augustus is het alweer een paar weken schitterend weer.
We zitten tot diep in de nacht in de achtertuin van The Ek-dome. Lekker, want naarmate het later wordt, neemt het nies- en snottergehalte ook weer af. Was het in augustus even rustig, de pollenallergie is nu weer volop bezig. Gewoon een kwestie van wachten tot het kouder wordt, zei de dokter in mei. Ik wacht nog steeds.
Een paar dagen later, woensdag 27 september. Mijn vriendin Jessica is jarig vandaag. Vieren doen we het vandaag niet, we gaan als cadeautje voor elkaar volgende maand een weekje naar Madrid. Ze is vanochtend gewoon naar werk, in drie kwart broek en korte mouwen. Ik sta nog in ochtendjas voor de kast, na te denken over welk shirt ik boven mijn korte broek aandoe. Buiten is het nog groen aan de bomen, de zon schijnt volop.
Het laat me niet los. Het vreemde weer, het snotteren, de woorden van Marc. Ik laat de kledingkeuze even voor wat ie is. Ik loop naar de werkkamer, geef een slinger aan m’n pc die daarmee uit slaapstand ontwaakt en typ het volgende op m’n weblog:
Ze smelten de kappen!
Eind september en het is stralend weer. De zomer was ook niet echt koud te noemen en augustus was de natste sinds decennia (zo niet eeuwen). Is het klimaat echt aan het veranderen? Een snelle Googlesearch geeft me antwoord genoeg:
De vaste ijskap op de Noordpool is de laatste tijd in een hoog tempo kleiner geworden. Dat blijkt uit onderzoek van de nasa, die sinds 1970 satellietopnamen van de regio maakt. Het krimpen is voor het eerst ook ’s winters verdergegaan.
Volgens het klimaatinstituut van de nasa is dat duidelijk een gevolg van het broeikaseffect. Het waarschuwt dat de wereld nog zo’n tien jaar heeft om het tij te keren. Als de uitstoot van broeikasgassen dan niet is aangepakt, stijgt de temperatuur op aarde met twee tot drie graden en zijn de gevolgen groot.
De winterjas kan nog wel even in de kast hangen, ben ik bang. Warme zomers zijn tof, maar of dit de prijs is die ik ervoor wil betalen...?
Later die middag krijg ik in m’n mail een alert dat er een reactie op is geplaatst. Maikel Steur.
Ik stel voor een MetMichiel-zomertour vanuit Spitsbergen ;-)
Studiootje inpakken, schoteltje erbij en klaar is Kees. Net Camp Smitty maar dan zonder woestijn!
Ik moet even hardop lachen als ik het zie. Camp Smitty was in 2004 de legerbasis waarvandaan ik als onderdeel van Curry & The Crew, het Veronica-ochtendprogramma van Adam Curry, een week lang heb uitgezonden. Productie: Maikel Steur. Ik zie ons weer lopen door de woestijn, volledig confuus over waar we nu weer terecht waren gekomen. In mijn hoofd vervang ik het glooiende woestijnzand voor sneeuw en ijs en ons camouflagepak voor een dikke jas met wanten.
Breng een week door in omstandigheden als in Irak, en je bouwt een band op. Na die bijzondere week in februari 2004 is het contact met Maikel Steur overeind gebleven, hoewel we niet directe collega’s waren. Als uitvoerend producent was hij op aandringen van Adam door Veronica aangenomen voor de klus. Maikel doet ook veel voor 3fm, waar ik sinds oktober 2005 werkzaam ben. Hij verzorgt onder meer de producties van 3fm-uitzendingen vanaf Pinkpop en Lowlands, maar ook de monsterklus Serious Request: Het Glazen Huis wordt gebouwd, bestierd en geproduceerd door Maikel.
Gniffelend sta ik op, zoek alsnog een shirt en korte broek uit en wip in een geroutineerde beweging m’n teenslippers aan.
Als ik boven aan de trap sta, stokt m’n beweging even. Ik loop terug naar mijn werkkamer en zet de pc uit. Kan vast geen kwaad. |