HomeNieuwsBoekenSchrijversCatalogiPersColumnsLinksContact
 

Twitter Facebook


L.J. Veen E-books
De muur
L.J. Veen Klassiek

 
Mooi cadeau voor de feestdagen: 'Mooie boel' van Wilfred Genee
Wilfred Genee

De Föhn

Enkele weken geleden sprak ik uitgebreid met ‘Het Slangenmens’. Een beetje voetballiefhebber weet dan onmiddellijk dat ik het dan over Rob Rensenbrink heb, een van de beste voetballers die Nederland ooit heeft voortgebracht. Rensenbrink vertelde me best een beetje trots op deze bijnaam te zijn. Het geeft volgens hem aan dat je toch iets betekend hebt als je een bijnaam krijgt. Daarbij verwees hij naar ‘De Kromme’ en ‘El Salvador, oftewel Willem van Hanegem en Johan Cruijff.

Het klopt inderdaad dat veel grote voetballers een bijnaam hebben. De officieel grootste voetballer aller tijden heet in werkelijkheid Edson Arantes do Nascimento, maar we kennen hem als ‘Pele’. Wat zoveel als ‘Zwartje’ betekent. Maradona verwierf zijn bijnaam ‘Pluisje’ nog in de periode dat zijn atletische, afgetrainde lichaam in verhouding stond met zijn kleine postuur. Inmiddels is hij behoorlijk in omvang toegenomen en doet hij zijn bijnaam geenszins eer meer aan. Lange tijd deed de omschrijving ‘Snuifje’ meer recht aan de situatie van de voormalig topvoetballer, die zichzelf inmiddels weer enigszins in de hand lijkt te hebben. (Al deden de hysterische uitbarstingen op de tribune tijdens het wk soms anders vermoeden.) Bij ‘Der Kaiser’ denk je onmiddellijk aan Franz Beckenbauer en bij ‘San Marco’ denk je toch nog wel een beetje aan Marco van Basten. Een speler als Dennis Bergkamp kon zelfs rekenen op vele bijnamen: ‘Dennis the Menace’, ‘The Iceman’, ‘The non-flying Dutchman’ en zelfs ‘God’ was een onderscheiding die de Nederlander in Engeland ten deel viel. Er wordt daar dan ook veelvuldig met nicknames gewerkt. Bij ‘Becks’, ‘Gazza’ of ‘Sir’ weet iedereen over wie het gaat. (Beckham, Gascoigne en Lineker). Arsene Wenger, de trainer van Arsenal, wordt vaak aangeduid als ‘The Professor’. De gedistingeerde trainer van ‘The Gunners’ staat bekend om zijn doordachte trainingsstof en zijn intelligente voorkomen. Ik keek dan ook erg op toen ik hem enkele weken geleden in de hotelbar in Neurenberg aan de barkeeper hoorde vragen naar ‘a place full of women with big boobs’. De moderne Jacques d’Anconabril van hem leek zelfs enigszins te beslaan toen hij het vroeg. De boog kan ook niet altijd gespannen staan, zelfs niet voor een professor.

Vaak zegt de bijnaam iets over de kwaliteiten van iemand. ‘IJzeren’ Rinus Israel was keihard, Arie ‘Bombarie’ Haan stond bekend om zijn bravoure en ‘Dikke Nek’ (zoals ze in België zeggen) en ‘Ed Konijn’ betrof het uiterlijk van Ed de Goey. Zoals ‘De Spijker’ een duidelijke omschrijving was van de fysieke gesteldheid van Adri van Tiggelen. Soms geeft het ook het verloop van je carrière aan. Piet Schrijvers begon als ‘De Beer van de Meer’, werd toen ‘De Bolle van Zwolle’ en eindigde als ‘Het Lek van pec’. Zo zijn er ontelbare bijnamen die voor eenieder van ons zo herkenbaar zijn: Don Leo, Goudhaantje, Aad Afkoopsom, Sneeuwvlokje, de Tovenaar van Tatabanya en Heinz Kroket.

Enige tijd geleden vertelde Humberto Tan bij Edwin Evers dat mijn bijnaam ‘De Föhn’ zou zijn. Hoewel ik de link niet helemaal begrijp (‘Slick’ of ‘De Gelpot’ zou meer voor de hand hebben gelegen), ben ik natuurlijk enorm gevleid. Tijdens het afgelopen wk liep ik op de wedstrijddagen van Oranje altijd even door de stad waar gespeeld werd. Regelmatig werd er geroepen: ‘Hé, daar gaat de Föhn!’ Voelde ik me toch een beetje een topvoetballer.